info@zeefdruk-info.nl


Actuele zaken

Aangezien deze pagina gebaseerd is op berichten van derden, kan de redactie van deze website geen verantwoordelijkheid dragen voor de inhoud ervan.

De met gemerkte artikelen, betreffen specifiek België. Van de overige artikelen betreft het merendeel zowel Nederland als België, omdat de wetgeving in beide landen voor een groot deel parallel loopt.
 

Eerste Kamer akkoord met fusie UWV en CWI

De Eerste Kamer is akkoord gegaan met het wetsvoorstel van minister Donner en staatssecretaris Klijnsma van Sociale Zaken en Werkgelegenheid om de Centrale Organisatie voor Werk en Inkomen (CWI) en het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) te fuseren. Vanaf 1 januari 2009 gaan de organisaties verder als WERKbedrijf binnen UWV. Doel van de fusie is om mensen nog sneller aan de slag te helpen.

Werkgevers en werkzoekenden kunnen in het vervolg voor al hun vragen terecht bij Lokaties Werk en Inkomen. In heel Nederland komen 97 van deze lokaties, die werkzoekenden en werkgevers één aanspreekpunt bieden voor werk en alles wat daarmee te maken heeft. In de lokaties werkt het UWV/WERKbedrijf samen met de gemeenten. Dit moet leiden tot een betere dienstverlening aan de klant. De regionale samenwerking en het arbeidsmarktbeleid is van wezenlijk belang om de participatie binnen de samenleving te verhogen. Daarom wordt geïnvesteerd in de totstandkoming van regionale netwerken tussen de werkgevers(organisaties), onderwijsinstellingen en gemeenten en UWV/WERKbedrijf. Goede arbeidsmarktinformatie is hierbij essentieel.

De fusie is een gevolg van de evaluatie van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen. Het doel van de wet is om werk boven inkomen te stellen. Dit doel zou volgens de evaluatie beter bereikt kunnen worden als de dienstverlening meer geïntegreerd zou worden.

Bron: Ministerie van SZW, 24 december 2008

Korting voor werkgevers die ouderen in dienst nemen en houden

Er is instemming bereikt met een wetsvoorstel waardoor werkgevers die een uitkeringsgerechtigde aannemen van 50 jaar of ouder, korting krijgen op de WW- en arbeidsongeschiktheidspremies. Het gaat om ouderen met een WW-, bijstands- of arbeidsongeschiktheidsuitkering. De werkgevers krijgen de korting van 6500 euro drie jaar lang. De wet wordt 1 januari 2009 van kracht.

De werkgevers krijgen verder een premiekorting van 2750 (vanaf 2013: 6500) euro per jaar per werknemer van 62 jaar of ouder die ze in dienst houden. Deze wet vervangt de bestaande premievrijstellingsregeling voor het aannemen van een werknemer van 50 of ouder en het in dienst houden van een werknemer van 54,5 jaar of ouder. De premievrijstelling bedraagt gemiddeld 1500 euro per jaar. Werkgevers die al premievrijstelling krijgen voor hun werknemer(s) van 54,5 jaar of ouder, behouden die.

Bron: Ministerie van SZW, 24 december 2008

Farbo-regeling wordt afgeschaft

De Farbo-regeling wordt afgeschaft. Op grond van die regeling konden ondernemers subsidie krijgen voor de aanschaf van apparaten die de blootstelling van werknemers aan lawaai, gevaarlijke stoffen of lichamelijke belasting beperken. Dat schrijft minister Donner van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in een brief aan de Tweede Kamer. Met de brief is de Arbobalans 2007/2008 naar de Kamer gestuurd. Daaruit blijkt dat de arbeidsomstandigheden in Nederland, vergeleken met de EU, relatief gunstig zijn.

In Nederland worden, vergeleken met andere Europese landen, ook in zware sectoren als bouw en industrie minder lichamelijke risico’s gerapporteerd door werknemers. Daarnaast hebben werknemers relatief veel mogelijkheden om het werk zelf te regelen en om zich te ontwikkelen. Op één punt scoort ons land slechter dan elders in de EU: Nederlandse werknemers, vooral in de zorg en welzijn, onderwijs en overheid hebben vaker te maken met lichamelijk geweld of discriminatie. Het kabinet ondersteunt werkgevers en werknemers in de publieke sector om ongewenste omgangsvormen tegen te gaan.

Bron: Ministerie van SZW, 1 december 2008

Europese richtlijn 

Na advies van de Raad van State keurt de Vlaamse Regering definitief het besluit goed over de omzetting van de Europese richtlijn over arseen, cadmium, kwik, nikkel en polycyclische aromatische koolwaterstoffen in de lucht. Het besluit legt de streefwaarden vast voor deze elementen, de maatregelen die moeten worden genomen, de rapportering over de getroffen maatregelen en het informeren van de bevolking. 

Bron: Vlaamse Overheid, 22 december 2006. 

De Vlaamse Infolijn: 1700 

De Vlaamse Infolijn heeft sinds 10 december 2006 een nieuw gratis nummer en tegelijkertijd ook een nieuwe naam: 1700. Daarmee is ze de eerste overheidsdienst in België met een verkort nummer. Ook al stijgt het aantal oproepen naar de Vlaamse Infolijn elk jaar, toch blijkt dat veel mensen het nummer niet kennen. Met een eenvoudig nummer van slechts 4 cijfers, zou dat geen probleem meer mogen stellen. Om de communicatie over de dienst zo eenvoudig mogelijk te houden, werd geopteerd om ook de naam Vlaamse Infolijn niet meer te gebruiken.

De dienstverlening van het unieke informatieloket blijft voorlopig dezelfde. De Vlaamse Infolijn voorziet al meer dan 7 jaar een gratis loket voor eenduidige, correcte en toegankelijke overheidsinformatie. Men kan er terecht voor alle mogelijke vragen aan de overheid, van informatie over studietoelagen, over subsidies voor energiebesparende maatregelen en economische steunmaatregelen voor bedrijven, tot de contactgegevens van overheids- en andere nuttige diensten. Dit blijft ook onder de nieuwe naam 1700 de kerntaak van deze dienst. 

Bron: Vlaamse Overheid, 5 december 2006.

CAO-bepalingen 

Sinds 1 januari 2007 is het moeilijker geworden voor bedrijven om te worden uitgezonderd van de bepalingen in een cao die voor de gehele bedrijfstak verbindend zijn verklaard.Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid kan cao´s algemeen verbindend verklaren. Dat houdt in dat de cao-bepalingen gaan gelden voor alle bedrijven in de bedrijfstak, om te voorkomen dat er concurrentie ontstaat op de arbeidsvoorwaarden van bedrijven. Tot nu toe verleende het ministerie daarop vrij gemakkelijk ontheffingen. De Raad van State heeft echter besloten (op 27 oktober 2004) dat hiervoor strengere regels dienen te komen. 

Per 1 januari 2007 moeten bedrijven die een ontheffing willen, aan de volgende eisen voldoen:
- het bedrijf verschilt op essentiële punten van andere bedrijven in de bedrijfstak, en
- de eigen cao is afgesloten met een onafhankelijke vakbond. 

Werkgevers en werknemers krijgen meer verantwoordelijkheid en meer mogelijkheden om samen het arbeidsomstandighedenbeleid binnen de sector of de onderneming in te vullen en op deze wijze de veiligheid en gezondheid op de werkvloer te verbeteren.

De Arbeidsomstandighedenwet

De Arbeidsomstandighedenwet uit 1998 wordt gewijzigd per 1 januari 2007. In de Arbowet, het Arbobesluit en de Arboregeling worden doelvoorschriften zo concreet mogelijk beschreven. Dat is het niveau van bescherming dat bedrijven moeten bieden aan de werknemers, zodat zij veilig en gezond kunnen werken. Daarna is het aan de werkgevers en de werknemers om te bepalen hoe zij die doelen nader gaan invullen. 

De Arbeidsinspectie controleert de naleving van de wet- en regelgeving èn de invulling ervan. Ze stelt tevens per branche een brochure op waarin wordt geïnformeerd over de controle en de specifieke aandachtsgebieden per branche. De handhaving is streng: de boetes die de inspectie kan opleggen, zijn verdubbeld. 

Bron: Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, 22 december 2006. 

Herbeoordelingen WAO wordt verschoven 

De einddatum van de herbeoordelingen van mensen met een WAO-uitkering (Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering) wordt verschoven naar 1 april 2008. Dit heeft demissionair minister De Geus besloten in overleg met het UWV (Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen). De Geus wil dit uitstel omdat hij hecht aan een zorgvuldige uitvoering van de herbeoordelingen en re-integratie. De herbeoordelingen zouden in eerste instantie zijn afgerond op 1 juli 2007. Tot en met het derde kwartaal van 2006 zijn ruim 200.000 herbeoordelingen verricht. Vanaf dat moment moeten er nog ongeveer 150.000 herbeoordelingen plaatsvinden.
Daarnaast heeft het UWV afspraken gemaakt met cliënten- en patiëntenorganisaties om de uitvoering van de herbeoordelingen te verbeteren. Deze maatregelen zijn vooral gericht op een betere communicatie tussen verzekeringsarts en cliënt en op duidelijkere informatie voor cliënten. 

Bron: Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, 21 december 2006. 

Arbeidsinspectie onderzoekt agressie tegen werknemers 

De Arbeidsinspectie gaat in 2007 op diverse plekken bekijken of werknemers voldoende worden beschermd tegen agressie en geweld van derden. Dat geldt onder meer voor wegwerkers die soms de gram over zich heen krijgen van passerende automobilisten.

Dit staat in het Jaarplan 2007 van de Arbeidsinspectie. Het plan is naar de Tweede Kamer gestuurd door demissionair staatssecretaris Van Hoof van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Ook in justitiële inrichtingen controleert de inspectiedienst of de werkgever bedacht is op het risico van agressie, nu van gedetineerden. Bij vorige inspecties bleek agressie een van de grootste bedreigingen te zijn voor de gezondheid van gevangenispersoneel.
In 2007 controleert de Arbeidsinspectie bij ruim tienduizend bedrijven op illegale arbeid. Dit jaar was het bij een kwart van de controles raak. Deze hoge score wordt veroorzaakt door de steeds scherpere risico-analyse, waardoor de inspecties gericht plaatsvonden bij ‘verdachte’ bedrijven. Op het moment dat werknemers uit de Midden- en Oost-Europese lidstaten vrij in Nederland kunnen werken, gaat de dienst ook actief controleren op onder meer betaling van het minimumloon. Dat is om te voorkomen dat Nederlandse werknemers worden verdrongen door onderbetaalde Polen.

De Arbeidsinspectie krijgt een extra hulpmiddel om illegale arbeid te bestrijden, aldus het jaarplan. Sinds kort kan zij met boetes werkgevers aanpakken die weigeren mee te werken aan de identificatie van personeel. Het vaststellen van de identiteit is noodzakelijk om te kunnen controleren of er legaal gewerkt wordt. De boete is even hoog als wanneer er sprake is van illegale arbeid: 8000 euro per werknemer. 

De inspecties van werkomstandigheden vinden in 2007 plaats bij 22.000 bedrijven en instellingen. De nadruk ligt op 32 sectoren waar de risico’s het grootst zijn en de naleving van de wet het laagst. De inspectielast komt daardoor terecht bij de bedrijven die controles het hardst nodig hebben. Volgens de Arbeidsinspectie liggen de werkomstandigheden in Nederland op een behoorlijk peil. Toch schieten nog veel branches en bedrijven tekort, uit onwil of onwetendheid. De inspectiedienst past haar optreden daarop aan. Onwetende werkgevers worden beter voorgelicht, maar tegen onwilligen wordt harder opgetreden. De maximale boetes zijn met ingang van 2007 verdubbeld. In de woorden van de Arbeidsinspectie: “Zacht waar het kan, hard waar het moet.”
Zo’n 275 controles vinden in 2007 plaats bij bedrijven die een ernstig risico kunnen vormen voor mens en milieu. Het gaat om bedrijven, vooral in de chemische sector, met risicovolle installaties of die een grote hoeveelheid gevaarlijke stoffen in voorraad hebben. Uit onderzoek bij dit soort bedrijven is gebleken dat veel ongevallen te maken hebben met onderhoud. Dit krijgt dan ook extra aandacht bij de inspecties. 

Bron: Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, 21 december 2006. 

Minder arbeidsongeschiktheidsuitkeringen 

De langere loondoorbetaling bij ziekte heeft er mede toe geleid dat het aantal aanvragen voor arbeidsongeschiktheidsuitkeringen is gedaald en het ziekteverzuim op een laag niveau is gebleven. Dat blijkt uit een evaluatie van de Wet verlenging loondoorbetalingsverplichting bij ziekte, die regelt dat werkgevers het loon van zieke werknemers twee jaar moeten doorbetalen in plaats van een jaar zoals voorheen. De ministerraad heeft er op voorstel van minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid mee ingestemd de evaluatie naar de Tweede Kamer te sturen. De evaluatie benadrukt dat het succes van de wet niet op zichzelf staat. De wet uit 2004 hangt nauw samen met de Wet verbetering poortwachter (2002) en de invoering van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA, 2006). 

De Wet verlenging loondoorbetalingsverplichting bij ziekte heeft samen met de Wet verbetering poortwachter als doel het langdurige ziekteverzuim te verminderen en daarmee de instroom van het aantal mensen in de WIA of zijn voorganger, de WAO. De Wet verbetering poortwachter zorgt voor instrumenten om zieke werknemers sneller weer aan het werk te krijgen. Door de verlenging van de verplichting het loon bij ziekte door te betalen, kregen werkgevers tijdens de eerste twee ziektejaren de volle financiële verantwoordelijkheid voor het verzuim. Met de sociale partners is afgesproken dat over die twee ziektejaren in beginsel hoogstens 170 procent van het laatst verdiende inkomen wordt doorbetaald. Zowel zieke werknemers als werkgevers hebben dus financieel belang bij een zo snel mogelijke werkhervatting. 

Verder blijkt uit de evaluatie dat de private markt van verzuimverzekeringen het midden- en kleinbedrijf een scala aan mogelijkheden biedt zich te verzekeren tegen de financiële gevolgen van ziekteverzuim bij werknemers. Tevens blijkt de verzekeringsgraad te zijn toegenomen. Wel blijkt dat de kennis van werkgevers over de rechten en de plichten bij doorbetaling van loon en reïntegratie niet voldoende is. Het kabinet gaat daarom in overleg met de betrokken organisaties kijken hoe de voorlichting verbeterd kan worden, onder andere door 'goede praktijken' (succesvolle voorbeelden uit de praktijk) van re-integratie van werknemers beschikbaar te stellen. 

Bron: RVD, 20 december 2006. 

Inkomen ouderen stijgt gestadig 

Het gemiddelde inkomen van oudere mannen en vrouwen zal de komende jaren verder toenemen. Het inkomen stijgt doordat de AOW gekoppeld is aan de stijging van de lonen, en doordat ouderen steeds vaker hogere aanvullende pensioenen en bijvoorbeeld een eigen huis hebben. Deze verwachting blijkt uit een onderzoek naar de inkomenspositie van ouderen in de periode 2006-2030.

Uit het onderzoek blijkt tevens dat het inkomen stijgt doordat ouderen steeds hoger zijn opgeleid en vaker een hoger loon hebben gehad waardoor ook hun pensioen hoger uitvalt. Dat geldt ook voor vrouwen, die bovendien ook steeds vaker zelf een aanvullend pensioen opbouwen doordat ze een baan hebben. Verder zullen er minder mensen een pensioenbreuk wegens arbeidsongeschiktheid meemaken, gaan mensen later met (pre)pensioen, waardoor ze langer pensioen opbouwen en hebben ze vaak ook koopsompolissen en lijfrentes die nu worden uitbetaald. Dit betekent dat het gemiddelde huishoudinkomen van ouderen aangepast aan de inflatie tussen 2006 en 2030 stijgt van ongeveer 34.100 naar zo’n 52.800 euro per jaar. De verwachting is dat ook het aantal ouderen met een onvolledige AOW groeit. Het gaat om mensen die tussen 15 en 64 jaar niet altijd in Nederland hebben gewoond. Aan een aantal mensen wordt daarom aanvullende bijstand gegeven. Nu gaat het om ruim 20.000 huishoudens, in 2020 zullen dat er naar verwachting 55.000 zijn. 

Bron: Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, 19 december 2006. 

Re-integratie 

De regels die gelden voor de re-integratie van mensen met een Ziektewetuitkering worden aangepast. Hierdoor worden zij meer gestimuleerd te re-integreren. Dit staat in het Wetsvoorstel zieke vangnetters dat door minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid naar de Tweede Kamer is gestuurd. Verder staat in het wetsvoorstel duidelijker aangegeven wat van mensen in de Ziektewet en het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) verwacht kan worden op het gebied van re-integratie. Mensen met een uitkering op grond van de Ziektewet hebben veelal geen werkgever meer. 

Het UWV is naast het betalen van het ziekengeld gedurende de eerste twee jaar ook verantwoordelijk voor verzuimbegeleiding en re-integratie van mensen die geen werkgever (meer) hebben. Dit zijn bijvoorbeeld uitzendkrachten, werklozen en werknemers met een tijdelijk contract. Ze vormen een belangrijk deel van de instroom in de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA). Dit heeft ermee te maken dat ze geen werkgever hebben waarnaar ze terug kunnen keren en die hen stimuleert te re-integreren.

In de huidige situatie kunnen deze mensen een volledig beroep doen op de Ziektewet als ze slechts een specifiek deel van hun werk niet meer kunnen doen. Er wordt dan niet gekeken of ze andere onderdelen van het werk nog wel kunnen doen. In de nieuwe situatie is voor de beoordeling of iemand een Ziektewetuitkering krijgt van belang of hij de gewone werkzaamheden nog kan doen die kenmerkend zijn voor zijn functie. Ook moet het UWV aan het einde van de twee jaar ziekte een re-integratieverslag opstellen. Verder worden de termijnen voor ziekmelding aangescherpt. 

Bron: Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, 19 december 2006. 

Juiste verf 

Bedrijven die binnenshuis schilderwerkzaamheden verrichten kunnen straks beter voldoen aan de verplichting om verf mét schadelijke vluchtige organische stoffen te vervangen door verf op waterbasis. Zij krijgen de beschikking over een schema dat aangeeft in welke gevallen zij nog wel gebruik mogen maken van verf met oplosmiddelen. Dat is het gevolg van een aanpassing van het Arbeidsomstandighedenbesluit door demissionair staatssecretaris Van Hoof van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. 

Hoewel het gebruik van verf met oplosmiddelen verboden is zijn er situaties waarin verf op waterbasis geen alternatief is. Roestgevoelige ondergronden zijn daar een voorbeeld van. Om in dergelijke situaties toch gebruik te mogen maken van verf op basis van oplosmiddelen moet een ontheffing worden aangevraagd. Dit brengt onnodig veel rompslomp met zich mee en mede daardoor wordt er zelden ontheffing aangevraagd.

In de nieuwe situatie biedt het beslisschema uitkomst over de vraag welke verf gebruikt mag worden. Door verschillende variabelen als ondergrond en omgevingstemperatuur in te vullen komt men uit bij de juiste verf. In gevallen waarin het schema aangeeft dat verf met oplosmiddelen gebruikt mag worden, hoeft hier geen ontheffing meer voor worden aangevraagd. De werkgever dient dan de gebruikelijke maatregelen te treffen om schade aan de gezondheid van zijn werknemers te voorkomen. 

Bron: Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, 8 december 2006. 

Controle offset- en zeefdrukkerijen

De Arbeidsinspectie (AI) gaat van 1 oktober 2006 tot 1 februari 2007 in totaal 920 offset- en zeefdrukkerijen inspecteren. Eind volgend jaar zullen drukkerijen die zich met flexo- en verpakkingsdiepdruk bezig houden, in een afzonderlijk project tezamen met de papier- en kartonindustrie, worden gecontroleerd. Bedrijven die onder de grafimedia vallen en hoofdzakelijk desktop publishing doen (pre-press) worden eind 2007 meegenomen in het project uitgeverijen.

Deze zomer heeft u als het goed is van de arbeidsinspectie de brochure ‘Arbeidsrisico’s in de grafimedia’ ontvangen. Deze brochure vormt de basis voor de controle waarbij de offset- en zeefdrukkerijen met name zullen worden gecontroleerd op opslag en gebruik van gevaarlijke stoffen, blootstelling aan oplosmiddelen en (alleen in zeefdrukkerijen) de opslag van gevaarlijke stoffen in emballage en de handeling en verwerking van chemicaliën. Met name of voldaan wordt aan de Europese Richtlijn voor ‘Veilig werken in een explosieve atmosfeer’.

De bezoekende inspecteur zal de aanleiding, doel en de inspectieonderwerpen toelichten en vervolgens de inspectie direct uitvoeren. Na de rondgang deelt de inspecteur de resultaten mee en zegt wat het vervolgtraject zal zijn. Bij overtredingen op de geïnspecteerde onderwerpen vindt tevens een inspectie op de risico-inventarisatie en ––evaluatie (RI&E) en de preventiemedewerker plaats.

Zoals u weet stoelt de elektronische RI&E voor de grafimedia op de CAO en is de RI&E door sociale partners goedgekeurd. De RI&E is gratis op te halen van www.arbografimedia.nl onder de knop ‘hulpmiddelen’. Gebruikt u deze RI&E en heeft u minder dan 10 werknemers in dienst, dan hoeft de RI&E niet te worden getoetst en indien u 10 tot 25 werknemers in dienst heeft, kan worden volstaan met een lichte toets.

Normen voor gezond werken

Er komt een nieuw arbeidsomstandighedenbesluit waarin normen zijn vastgelegd voor gezond en veilig werken. Sociale partners mogen samen bepalen op welke manieren en met welke middelen ze aan deze normen willen voldoen.
Het Arbobesluit is een meer concrete invulling van de nieuwe Arbeidsomstandighedenwet. De wet regelt op hoofdlijnen aan welke eisen ondernemingen vanaf volgend jaar moeten voldoen als het gaat om veilig en gezond werken. In het besluit staan nadere regels, bijvoorbeeld dat werknemers die op een hoogte werken boven de 2,5 meter beschermd moeten worden tegen valgevaar. En dat werknemers niet blootgesteld mogen worden aan geluid boven 85 decibel.
Hoe sociale partners het Arbobesluit verder invullen, kunnen ze per sector regelen. Vakbonden en werkgeversorganisaties kunnen daartoe zogenoemde arbocatalogi samenstellen. In die catalogi staat op welke manieren en met welke middelen bedrijven ervoor kunnen zorgen dat werknemers veilig en gezond werken. Omdat werkgevers en werknemers het arbobeleid samen invullen wordt een breder draagvlak verwacht.

Bron: RVD, 19-05-2006.

Registratie beroepsziekten en -ongevallen


Werkgevers krijgen geen extra administratieve lasten en kosten rond de registratie van arbeidsongevallen en beroepsziekten. De Rijksministerraad heeft op voorstel van minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid besloten een protocol van de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) dat over dergelijke registraties gaat, niet te bekrachtigen.
Het betreffende protocol maakt deel uit van een verdrag dat Nederland heeft bekrachtigd. Het bevat onder meer bepalingen over de melding van ongevallen op het werk en beroepsziekten. In Nederland moeten arbodiensten of bedrijfsartsen beroepsziekten melden aan het Nederlands Centrum voor Beroepsziekten. Ernstige en dodelijke arbeidsongevallen moeten werkgevers melden bij de Arbeidsinspectie, minder ernstige ongevallen moeten ze registreren voor eigen preventiedoeleinden
Het op het verdrag gebaseerde protocol schrijft onder meer voor dat werkgevers niet alleen ernstige ongevallen, maar ook minder ernstige ongevallen zouden moeten melden bij de Arbeidsinspectie. Ook zou de werkgever de werknemers moeten inlichten over gemelde beroepsziektengevallen.
Het kabinet is van mening dat dergelijke maatregelen leiden tot extra administratieve lasten en kosten voor bedrijven. Bovendien zou de werkgever direct verantwoordelijk worden voor de registratie van beroepsziekten en daarvoor dus gegevens over beroepsziekten van individuele werknemers moeten hebben. Dit leidt tot ongewenste aantasting van de privacy van de werknemer. Het kabinet ziet daarom af van bekrachtiging van het protocol.

Bron: Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, 19-05-2006.